Goedkope kapper gaat failliet!
Voor een budgetkapper lijken het nu ideale tijden. Toch is de prijsvechter Piekfijn onlangs failliet verklaard. De prijs was te scherp.

Dit schrijft Het Financieele Dagblad.
'Ik heb van de directie begrepen dat het bedrijf er niets aan overhield', zegt curator Remco Rosbeek van Boels Zanders Advocaten in Maastricht.
Het kappersbedrijf had zeventien filialen in het zuiden van het land waar je elf euro betaalde voor wassen en knippen.

Ook de concurrentie denkt dat Piekfijn is doorgeschoten. 'Er zijn grenzen aan “low-cost"-knippen.
Wij blijven met gediplomeerde kappers werken', verklaart Martijn de Kort, die samen met zijn broer en vader een soortgelijke keten exploiteert.

Volgens de curator heeft de branche het zwaar. Om besparingen te bereiken, wordt vaak een beroep gedaan op stagiaires. Nieuwe wetgeving stelt hier paal en perk aan.
Regulier personeel, dat zich slecht betaald vindt, gaat veelvuldig bijklussen in de avonduren. Een slaapkamer wordt ingericht voor knippen, wassen en watergolven.
Met als gevolg dat de legale kapsalons het nog moeilijker krijgen.

De afwikkeling van het faillissement is in de woorden van de curator 'niet zo feestelijk'.
Alle zaken zijn gesloten, de 75 medewerkers zitten thuis en het is niet aannemelijk dat schuldeisers hun geld terugzien.
'De verhaalmogelijkheden voor crediteuren zijn uitermate beperkt,' zegt Rosbeek.

De boedel bestaat uit een schamele inventaris met een boekwaarde van euro 24.000. Meer bezittingen zijn er niet.
De panden zijn gehuurd en debiteuren ontbreken. Want bij een kapper is het 'knippen en betalen'.

Of de inventaris ook euro 24.000 gaat opbrengen, is de vraag. Het eigendom van de kappersstoelen en de wasbakken wordt geclaimd door de leverancier
vanwege een openstaande rekening. Of deze in zijn recht staat, onderzoekt de curator nog.

Als Rosbeek de spullen kan verkopen, is hij bang voor een minimale opbrengst. 'De markt voor kappersuitrusting is buitengewoon slecht.
Er is een overaanbod van tweedehands spul en zelfs van nieuwe benodigdheden.'

De schuldeisers hebben het nakijken. Zij hebben samen 600.000 à 800.000 euro tegoed.
Daartoe behoort de belastingdienst met een vordering van een kwart miljoen euro.
Ook de bedrijfsvereniging, die de uitkering van de lonen overneemt, zal nog aan de deur kloppen.
Piekfijn had met de betaling van salarissen een achterstand van een maand.